De afrekening
Facturen van energiebedrijven blinken over het algemeen niet uit in eenvoud of duidelijkheid. Een belangrijke oorzaak hiervan is dat de overheid afdwingt dat het voor de klant inzichtelijk moet zijn hoe het factuurbedrag is opgebouwd. Hierdoor moeten de afzonderlijke kosten allemaal vermeld worden en kunnen posten niet worden samengevoegd. Een van de lastigst te begrijpen onderdelen van een factuur is de Regulerende Energie Belasting (REB). Deze belasting wordt geheven per kWh elektriciteit of per m3 gas waarbij het tarief is onderverdeeld in zogenaamde staffels van verbruik in een jaar. Elk jaar begint het verbruik weer vanaf 0 in de eerste staffel, als de eerste staffel volledig is opgebruikt wordt gestart aan de tweede staffel etc. Om de extra kosten van de energiebelasting deels te compenseren voor gemiddelde huishoudens wordt er een heffingskorting gegeven, deze wordt altijd verrekend met de elektriciteitsrekening.
Met name voor de grotere verbruikers die meerdere staffels doorlopen is de afrekening soms moeilijk te veriferen op juistheid.
Afhankelijk van het contractmodel krijgt de afnemer alleen een afrekening van de leverancier, met daarin zowel de leveranciers als de netwerkkosten, of een rekening van de leverancier en de netbeheerder. De REB wordt in alle gevallen door de leverancier in rekening gebracht en afgedragen aan de belastingdienst. Door de invoering van de capaciteitstariefcode per 1 januari 2009 is het netwerkgedeelte van de afrekening sterk vereenvoudigd. Een aantal posten worden hiermee vervangen door een vast bedrag afhankelijk van de capaciteit van de aansluiting.
Voorbeeld van een elektriciteitsafrekening.